in ,

Angry Cute Love WIN

Vroeger wou ze tandarts worden – vandaag is ze projectleider bij Janssen Pharmaceutical Company

Toen Eline Dekeyster nog op de lagere school zat in het West-Vlaamse Waregem, wou ze vooral tandarts worden. Ze had toen nog niet kunnen vermoeden dat ze na haar studies biologie, waar ze haar angst om niet te slagen overwon, projectleider zou worden bij de ontwikkeling van een vaccin tegen Ebola bij het farmaceutisch bedrijf Janssen.

Dikke boeken en cursussen schrikken af

Eline speelde als kind altijd graag buiten op de boerderij van de grootouders. Ze volgde Latijn-Wiskunde en later Wetenschappen-Wiskunde waarbij het studeren vlot verliep. Daarnaast was ze erg geïnteresseerd in cultuur, literatuur en theater. Zoveel interesses zorgde natuurlijk voor wat keuzestress, maar een leerkracht wees haar erop te kiezen voor wat ze ‘graag doet’. Dat deed ze dan ook. Ze koos om biologie verder te studeren, eerst aan de KULAK in Kortrijk, later in Leuven. De dikke boeken en cursussen die aan de universiteit werden voorgeschoteld bij het begin van het schooljaar deden Eline toch schrikken. Ze raakte in paniek en ontwikkelde faalangst. Gelukkig kon ze studeren in een campus waar de professoren toegankelijk waren. Een professor Fysica maakte haar dan ook duidelijk: “het is niet de fysica waar je problemen mee hebt, maar de faalangst”. Door een goede begeleiding kon Eline hier toch mee aan de slag en kwam ze er sterker uit. Achteraf gezien beschouwt Eline deze periodes van faalangst niet als een flop: “Je leert net heel veel uit faalpunten. Ze hebben me juist gevormd tot wie ik nu ben.”

Je leert net heel veel uit faalpunten. Ze hebben me juist gevormd tot wie ik nu ben.

Je gelooft er in en je gaat ervoor

Eens in Leuven beland, verdiepte Eline zich in de fysiologie, de studie van mens en dier, maar ook van planten. Hoe zuigt een plant water op? Hoe communiceren ze met elkaar? Het waren boeiende vragen waar Eline zich graag over boog. Haar keuzevakken waren vaak gericht op geneeskunde. Het eindwerk van Eline ging over de biologie van onze hersenen, de neurobiologie, waarbij ze de link onderzocht tussen een oogziekte en de hersenen. Ze deed dit onderzoekswerk heel graag en kon via een beurs zelfs verder onderzoek doen. “Je gelooft erin en je gaat ervoor” getuigt Eline passievol over haar onderzoek.

Gebrek aan relevante werkervaring

Na haar doctoraatsonderzoek ging Eline even aan de slag als begeleider van studenten wetenschappen waar ze ook mocht werken aan een vak rond wetenschap en duurzaamheid. Toch miste ze algauw het echte onderzoekswerk. Daarenboven bleek toen dat solliciteren niet zo eenvoudig was, omdat ze als onderzoekster aan de universiteit relevante werkervaring miste om een baan te vinden in de industrie.

Werken in internationale omgeving

Gelukkig kon ze in Nederland terecht, waar ze een ‘science & business fellowship’ volgde. In dit programma kon ze naast het hoofdproject dat ze uitvoerde via heel wat zij-projecten meelopen in andere afdelingen van het bedrijf: bijvoorbeeld hoe je een patent kan nemen op een geneesmiddel, maar ook de juridische aspecten of hoe er met veranderingsprocessen of met personeel wordt omgegaan. Vergaderingen gebeuren in internationale context met mensen over de hele wereld via Skype. “Werken in zo een internationale omgeving is fantastisch, met ruimdenkende mensen met een brede horizon.” Grappig trouwens dat een leerkracht Engels op school haar nog vertelde dat ze niet ver zou raken met dat gebrekkig Engels. Iedereen wordt op die manier wel eens negatief aangesproken door een leerkracht. Het verhaal van Eline leert alvast dat je deze misschien goed bedoelde maar demotiverende uitspraken een juiste plaats kan geven: het is een waarschuwing, zeker geen voorspelling.

Samenwerken met mensen

Nu werkt Eline als project leider bij Janssen Pharmaceutical Company (onderdeel van Johnson & Johnson) in het Nederlandse Leiden. “Vooraleer je een geneesmiddel op de markt kan brengen, verlopen er zeker meer dan tien jaar aan ontwikkelingswerk in verschillende teams. Eerst is er een ontdekkingsfase met computermodellering, daarna volgen chemische en cellulaire experimenten, en als die beloftevol zijn doen we testen met proefdieren in een laboratorium. Dan volgt het echte ontwikkelen van het medicijn met vooral chemische testen op veiligheid om ten slotte in een laatste fase de klinische testen bij patiënten te doen, eerst met erg lage dosissen zodat alles veilig verloopt.” Eline geeft ook nog aan dat heel wat geneesmiddelen de laatste fase van het op de markt brengen niet halen. “Het leuke aan mijn job is het multi-dimensionele. Ik vertegenwoordig het biologisch laboratorium segment, maar daarnaast werk ik samen met dokters, chemici, technologen die met stabiliteit bezig zijn, enz. Ik merk dat ik heel graag samenwerk met mensen om ze te stimuleren en triggeren, soms gewoon door ermee te praten en aan te voelen hoe iemand zich voelt in zijn job.” De ambitie van Eline ligt dan ook meer in deze menselijke kant van het werken in wetenschap en technologie. Zo kan ze blijven evolueren: iets graag doen, er vol voor gaan en dan de bladzijde omslaan. Op zoek naar telkens weer een nieuwe uitdaging. Eline bewandelde zeker niet het typische pad van een biologe. Ze adviseert dan ook: “Begin met wat je nu graag doet, en dan kan je ook later nog helemaal anders terecht komen!” Kon Eline ook jou stimuleren?

Begin met wat je nu graag doet, en dan kan je later ook nog helemaal anders terecht komen!

One Comment

Leave a Reply

Geef een reactie

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

IT-consultant, zakenman én DJ – Arian Zand doet het allemaal

Griet is CEO van een bedrijf dat wetenschap en verkeer bij elkaar brengt